Vijf jaar geleden maakt een van onze bewoners dit gedicht. Ze draagt het nog steeds bij zich.

Sporen

In de avondzon van het leven
Maak ik sporen op mijn pad
In mijn geest draag ik de sporen
Van het leven dat ik had

Sporen van geluk en liefde
Sporen van verdriet en pijn
Zo heeft het leven me doen groeien
Tot wie ik ben…en ik mag er zijn

April 2017

Bep:

‘Ik heb dit geschreven net na de eerste chemokuur die ik kreeg na de operatie. Toen borrelde dit omhoog en schreef ik het op. Het was een uiting van het gevoel dat ik erbij had. Nu na vijf jaar is dat gevoel er nog steeds. Ik wil dit gedicht op mijn rouwkaart hebben. Op de achterkant komt een gedicht dat ik later heb geschreven.’

Bezig met het einde

‘Ik ben veel bezig met het einde en kan dat op een positieve manier. Dat is een van mijn talenten.

Er omheen draaien wil ik niet; ik kan niet meer behandeld worden. De tumoren in mijn buik kunnen er lekker op los leven, en dat doen ze ook. Ik ben niet bang om dood te gaan maar wil de regie zoveel mogelijk in de hand houden

Ik kijk terug op een goed leven, heb drie mooie dochters en acht leuke kleinkinderen. Dus ik heb al van heel veel kunnen genieten.’|

Kiezen voor Oase

‘Ik heb bewust voor het hospice gekozen. Dit is voor mij een goeie plek voor dat laatste stukje. Eigenlijk was ik er vroeg bij, de oncoloog gaf een prognose van drie tot vier maanden en daar zijn er al twee van voorbij. Mijn buik wordt dikker maar verder merk ik niks. Dus hij kan zich misschien vergissen of ik ga jullie verrassen! Ik weet het niet, je kunt er niks van zeggen!’

Vijf jaar als bonus

‘Die vijf jaar beschouw ik als een bonus. Net als de 48 jaar die ik langer geleefd heb dan mijn tweelingzus. Ik had toen net mijn tweede dochter, nam haar mee naar het ziekenhuis en heb haar bij haar op bed gezet. Mijn zus had eten voor zich staan en voerde die kleine worteltjes, dat is me altijd bijgebleven. Mijn tweelingzus en ik, we waren altijd samen, als het ware aan elkaar geplakt. En ik mocht zomaar 48 jaar langer leven.’